Oorlogsverhalen:
Wij luisteren naar oma en opa, meme en pepe...

De Statiestraat in puin!
  • De geallieerden wonnen de 2de W.O.
  • Zegeltjes om eten te kopen.
  • Het "bomkapelletje"...
  • Wonen in de kelder met de buren!
  • Bommen op de school en het klooster!
  • Ik heb veel mensen zien wenen en veel kapotte huizen gezien.
  • De Duitsers plaatsten hun paarden in de schuren.
  • Pepe werd gezocht door Duitsers met honden.
  • De lucht was één geronk!
  • De Duitsers dachten dat grootvader een spion was.
  • Alleen het Mariabeeldje was nog gaaf...
  • Bevrijd door de Polen.
  • De Duitsers hebben zelfs haar hond doodgeschoten!
  • Meme deed toen haar plechtige communie.
  • De Engelsen werden aanbeden als goden.
  • Gelukkig was er veel haring in de zee.
  • Kamikaze
  • De katten hadden ze opgegeten.
  • De mama van meme deed de was voor de soldaten.
  • Adolf Hitler
  • In het donker gaan stelen bij de boeren.
  • De moedige Waalse soldaat.
  • Opa werd geboren net toen de 2de W.O. begon. De opa van oma is gestorven in W.O. 1 door gasbommen in Passendale. In W.O. 2 zijn veel meer mensen gesneuveld dan in W.O. 1.

    W.0. 2 werd gewonnen door de geallieerden, die er in slaagden na de landing in Normandië de bezetter te verslaan. Na een eerste offensief (aanval) dat zeer vlug vooruitging en de bezetter terugdrong tot ver in de Ardennen, slaagden de Duitsers erin met een tegenoffensief (een tegenaanval), genoemd naar de Duitse bevelhebber Von Rundstadt op 16 december 1944, tijdelijk de geallieerden te stoppen. Maar met een heftig tegenoffensief slaagden de geallieerden erin de aanval te stoppen en de Duitsers voorgoed terug te dringen en voorgoed te verslaan.

    De opa van Bono Tassaert

    1940 : W.O.2. Opa ging naar school maar ze moesten terug naar huis omdat het oorlog was.

    Van 10 mei tot 28 mei vochten de Belgen tegen de Duitsers. België had zich overgegeven aan de Duitsers op 28 mei 1940. De Duitsers hebben het land bezet gehouden. De mensen hadden honger. Enkel de boeren hadden genoeg te eten. De mama van opa moest naar het stadhuis om zegeltjes. Daarmee konden ze dan eten kopen. Tijdens de bezetting van de Duitsers was er veel armoede. Als de Duitsers in Tielt waren, moesten de mensen in de kelder schuilen. De papa van opa was soldaat en krijgsgevangene.

    De opa van Lisselotte Verhalle

    Meme woonde aan het vliegveld in Egem. Wanneer ze (soldaten -Duitsers) bommen gooiden , heeft ze uit haar huis moeten gaan. De bommen zijn niet ontploft. In Koolskamp zaten er eens 67 mensen te lezen in een kapelletje. Een bom viel juist voor de kapel en is niet ontploft. Het kapelletje bestaat nu nog altijd en ieder jaar is er nog een bedevaart. De mensen zeggen nu : "het bomkapelletje".

    De meme van Charlotte Ketels

    Mijn meme was tijdens de oorlog een kindje van ongeveer 7 jaar. Ze wilde eens met haar vriendinnetje, dat toen 12 jaar was, een fietstochtje maken. Plots hoorden ze een vliegtuig en ze moesten in de gracht springen want het waren de Duitsers! Ze moesten in de kelder van het café van meme wonen samen met de buren. Dat was wel niet zo leuk!

    De pepe van Eva Buyse

    Opa was 10 jaar toen de 2de W.O. bijna gedaan was. Hij weet nog heel goed dat hij bij de buren in de kelder zat. Ze hoorden ze schieten en bommen gooien. Na een tijdje als alles stil was, kwamen de Duitse soldaten kijken als er geen Belgische soldaten in de kelder zaten. Ze keken eens rond en vertrokken dan terug. Oma was 8 jaar toen ze naar haar meter ging op een namiddag. Ze was juist in de Hoogstraat toen de vliegtuigen overkwamen en bommen wierpen op de school en op het klooster. Oma lag daar langs de muur op het voetpad. Stenen en pannen vielen naast haar neer. Er kwam een mijnheer uit zijn huis en die zag het meisje liggen. Hij nam haar mee in de kelder tot het gevaar geweken was.

    Bommen op het klooster

    De opa van Amelie Decock

    Ik hoop dat we nooit geen oorlog meer meemaken. Ik was 9 jaar. We lagen in de kelder , want er vielen bommen. Plotseling hoorden wij de deur opengaan. Het waren Duitse soldaten. Zij kwamen in de kelder met een geweer : Zijn er hier Belgische soldaten? Mijn papa zei : Nee! Mijn mama nam mij bevend in haar armen. Alles liep goed af. In die 4 jaar was er veel honger en ellende. Veel jonge mensen moesten naar Duitsland gaan. In de Kapel van Bijstand kun je nog de namen lezen. Wij kweekten zelf konijnen en wij plukten gras aan de dijken. Plotseling hoorden wij vliegtuigen boven ons. Wij liepen vlug naar de schuilkelder van het klooster , want dat was het dichtstbij. We waren juist in de kelder toen wij een harde knal hoorden. Iedereen begon te wenen. Na een tijdje kwamen wij weer naar buiten. Het gebouw was helemaal stuk en wij zagen zelfs een nonnetje dood liggen. Wij liepen vlug naar huis en gelukkig waren mijn papa en mama nog in leven. Ik heb veel mensen zien wenen en veel kapotte huizen gezien.

    De opa van Robin Vuylsteke

    Mijn pepe was pas in de oorlog geboren. Hij kon er niet veel over vertellen maar toch iets. In de oorlog zag hij hoe de mensen in hun kelder kropen voor de bommen. Hij zag ook de Duitsers bommen gooien naar de huizen en hoe ze bommen plaatsten.De Duitsers verstopten zich achter de huizen. De Duitsers plaatsten hun paarden in de schuren.

    De pepe van Hanne Vankeirsbilck

    Begin mei 1940: bezetting door de Duitsers. Pepe was 17 jaar. Alle jonge mannen moesten naar het leger, want ze waren werfreserve. De oorlog met België duurde 10 dagen. De overgave van het leger werd betekend door koning Leopold III. Duitsland was voor 4 jaar bezetter van België. Vele soldaten waren meer dan 1 jaar krijgsgevangene in Duitsland, daarna werden ze opgeëist om te werken in een munitiefabriek. Algauw was er tekort aan eten, wat over was kostte veel geld. Voorbeeld: voor de oorlog kostte 1 ei 1 frank, na 1 jaar was het 4 frank. Men kreeg rantsoenzegels om eten te kopen. Er ontstond een zwarte markt. Dag en nacht waren er bombardementen van de Engelse en Amerikaanse vliegtuigen. Ze moesten sparren ophalen om ze in hun landerijen te planten zodat er geen vliegtuigen konden landen op hun land. Ze woonden dicht bij de spoorweg en het station. Op een voormiddag moest pepe zich aanmelden voor de afvaart naar 'het Rijk'. Hij is gevlucht bij andere mensen voor 1 maand.Ondertussen zochten de Duitsers hem met honden en soldaten bij hem thuis. Na een tijd werd hij vrijgesteld doordat hij werd benoemd tot boerenwacht, als wijkoverste in naam van de Duitsers. Eigenlijk kan pepe daar een hele dag over vertellen, zodat mijn verhaal moet eindigen. Pepe hoopt dat er nooit meer oorlog komt.

    De pepe van Celine Platteeuw

    Mijn overgrootmoeder en overgrootvader hebben de eerste W.O. meegemaakt. Ze konden daar uren over vertellen. Ze hadden bijna geen eten, het was allemaal voor de Duitse soldaten. Als mijn overgrootmoeder van school kwam, liep ze rap naar huis om de eerste te zijn om de grootste boterham te kiezen en een haring moesten ze delen met 2. Er waren overal veel kinderen. Hun ouders moesten dag en nacht werken om de kinderen eten te geven, want ze verdienden dan niet zoveel als nu. Gelukkig hadden ze nog een beetje grond om wat groenten en aardappelen te kunnen kweken. Er was dan grote vreugde als de oorlog gedaan was. Maar toen begon in 1940 W.O. 2. Mijn meme vertelde dat ze dikwijls in de kelder moesten vluchten als de vliegtuigen overkwamen. Als ze Meulebeke bombardeerden was meme met haar vriendinnetjes aan het spelen. Plots hoorden ze de vliegtuigen. Haar mama zei : Kruip maar onder de tafel! Ze dacht dat we beschermd zouden zijn als er een bom viel. Daarna kon ze er nog hartelijk om lachen als ze het vertelde. De school hadden ze ook gebombardeerd. Zo konden we een tijdje niet naar school. Ook 's nachts moesten we dikwijls uit ons bed als de Amerikaanse en de Engelse vliegtuigen overvlogen. De lucht was dan één geronk. Het was zeer akelig. 's Avonds mocht er geen licht zijn. Overal moest het donker blijven. Zo konden de vliegtuigen niet zien dat er daar een dorp of een stad was. Anders zouden ze bombarderen. Er was ook niet veel te eten. Alles was gerandsoeneerd met bonnetjes. Ik ga nu maar stoppen . Mijn meme zou nog uren doorvertellen . Onze grootouders en ouders vertellen de oorlogsverhalen van hun ouders en grootouders.

    De grootouders van Lieselot

    Tweede wereldoorlog: bruiloft in 'de oude driehoek' (café) . Er waren veel jonge mannen aanwezig die normaal gezien naar Duitsland moesten gaan werken. Er was een inval van de gestapo en de jonge mannen vluchtten weg. Sommige het maïsveld in, anderen in de gracht, enzovoort. Een jonge man liep weg op straat en werd doodgeschoten door de gestapo. Mijn grootvader moest niet onder de wapens. Duitsers dachten dat hij een spion was, omdat hij geboren was in Kansas City, Amerika. daarom werd hij in de kelder geslagen en een dag opgesloten.

    De papa van Steefi

    Over de oorlog 1940-1945 weet ik niet zo veel meer te vertellen. Ik was 12 jaar oud. Ik had met Pasen mijn plechtige communie gedaan. We moesten vluchten en al ons beste kleren werden in een koffer gelegd. De koffer werd op een kar geladen en in de schuur getrokken. Op 10 mei zijn de eerste Duitse vliegtuigen over onze streek gevlogen. Op 26 mei werden we voor de eerste maal beschoten met brandbommen. Wij moesten in de kelders schuilen. Ons huis was helemaal uitgebrand. We hadden niets meer over behalve een Mariabeeldje dat nog helemaal gaaf was. Mijn moeder en vader noemden dat een wonder. Een oude gebuur met een groot huis heeft ons dan 18 maanden bij hem laten wonen. Dat was maar het begin van alles. Met zegeltjes moesten we alles kopen, we hadden er zoveel per gezin. Wij waren kleine landbouwers maar moesten veel inleveren: graan, boter, aardappelen. We konden altijd iets overhouden voor ons. Veel andere mensen die te kort hadden, gingen kleine aardappelen, graanstengels en blaadjes van bieten rapen bij de boeren voor een beetje eten. Voor de jeugd was er niet veel plezier. Er mocht nergens licht blijven branden en de jongens moesten opletten voor de Duitsers want die werden opgepakt om naar Duitsland te gaan werken. Zo, nu weet je dat de oorlog zeker niet plezant was!

    De meme van Jeroen

    Mijn opa was 5 jaar toen de 2de W.O. begon. Zijn vader is gestorven op 14 april 1945. Hij zat in Duitsland om te werken. Bij de bevrijding in Potsdam door de Russen werd hij gedood bij een bombardement. Tijdens de oorlog heeft opa zijn vader 2 maal gezien. Tijdens de oorlog was er niet veel eten. Enkel mensen met een tuin of wat dieren konden vlees op tafel zetten. De Duitsers namen het eten af van de mensen. In Meulebeke vielen veel doden door bommen die op de spoorweg werden geworpen. Ze konden de spoorweg niet raken, maar ze raakten wel het klooster van de school. Daardoor werden veel zusters gedood. Gelukkig voor mijn opa werd de spoorweg niet geraakt want hij was daar aan het spelen. Op 8 september 1944 werd Meulebeke bevrijd door de Polen. Er werd veel gefeest toen de Poolse tanks het marktplein kwamen opgereden. De vlag van de Meulebeekse voetbalploeg werd op het marktplein uitgehangen ter ere van de Poolse bevrijder. De kleuren rood-wit zijn ook de kleuren van de Poolse vlag. Pas op 8 mei 1945 was de oorlog gedaan en ging het leven verder.

    De opa van Jens Vanderbeke

    De duitsers gooiden bommen op het station van Ingelmunster. Meme kwam van school en ze was bang. Ze kroop in de dijken, ze lag te kijken naar de bommen en de vliegtuigen. De soldaten hebben zelfs haar hond doodgeschoten. Pepe ging soms in een bunker slapen. Ze kregen ook koeken van de soldaten.

    De meme en pepe van Jolien Populier

    Mijn meme was 12 jaar in de oorlog. Ze deed toen haar plechtige communie bij de zusters in het klooster. Mijn pepe was toen 14 jaar in 1944. Van mijn meme leefden haar ouders nog allebei. Van mijn pepe was zijn moeder al gestorven. Ze hadden niet genoeg geld omdat ze het moesten inleveren. Er waren geen helikopters maar wel veel vliegtuigen. In de oorlog zijn heel veel mensen overleden. Er werd eens een bom in de straat van meme en pepe neergegooid. Er waren toen 2 doden. Niet alle mannen waren soldaten. Er was weinig voedsel .

    De meme van Katrijn Vyncke

    Op zekere nacht bombardeerden de Duitsers Kortrijk. Veel mensen stierven en de stad was een puinhoop. De ontploffingen waren te horen tot in Meulebeke, waar mijn pepe, die toen nog kind was, woonde , samen met zijn ouders. De mensen hadden het toen zo goed niet als nu. Het voedsel was gerandsoeneerd. Dit wil zeggen dat ieder gezin een bepaald aantal bonnetjes kreeg om voedsel te kopen. Ze moesten hiermee maar zien rond te komen. Mensen aten ook soms honden of katten uit noodzaak. Ook het klooster in Meulebeke werd gebombardeerd. Dit was echter één van de enige bommen die boven Meulebeke gedropt werden door de vijand. Het is vanzelfsprekend dat de gewone mens bang was van de bezetter. Mijn overgrootvader kreeg ooit een granaatscherf in zijn been. Iemand werd ooit tegen de muur gezet. Dank zij de tussenkomst van de priester werd zijn leven gespaard. De burgers deden echter ook heel wat achter de rug van de Duitsers, waarvoor ze ernstig gestraft werden. In het huis van mijn overgrootouders bevond zich een radiostation. De mensen luisterden in het geheim naar de berichten van het verzet. Maar de sfeer was niet altijd gespannen. Soms hadden de mensen contact met de Duitse soldaten, zonder dat ze bang hoefden te zijn voor hun leven. Mijn grootvader kreeg ooit chocolade van hen. Het moet dan ook een hele gebeurtenis geweest zijn toen de macht van de Duitsers verzwakte. Toen de Duitsers uit Kortrijk terugkwamen (door de bombardementen) en via Aarsele-Ingelmunster-Meulebeke terugtrokken, werden ze verrast en overwonnen. De dode paarden van de soldaten werden versneden door mijn opa, die slager was, als voedsel voor heel wat hongerige mensen. Toen de Engelsen ons land binnenvielen, werden ze aanbeden als goden. Ze hadden chocolade mee die ze uitdeelden aan de hongerige bevolking. De oorlog was dus geen prettige tijd. De burgers hadden het heel moeilijk. Gelukkig werd Meulebeke nog min of meer door de Duitsers gespaard.

    De pepe van Janaica

    De mensen hadden veel honger. Gelukkig was er veel haring in de zee. Kortrijk stad was zwaar gebombardeerd. Mijn grootmoeder woonde op een boerderij in Roeselare, niet zo ver van het Sterrebos. Er kwamen veel vluchtelingen onderdak vragen bij de ouders van mijn grootmoeder, want ze waren gevlucht van hun woonplaats Antwerpen. Daar werd er hevig gevochten , want de Belgische troepen gingen de vijand tegenhouden aan het Albertkanaal. De ouders van meme stelden hun schuren ter beschikking van aan die vluchtelingen. Mijn meme's vader is achteraf naar het slagveld aan het Sterrebos gaan kijken naar wel 40 dode soldaten.

    De meme en pepe van Gilles

    Zelfmoordpiloten (kamikaze): tijdens de tweede W.O. : de Japanse bombardementen op de Amerikaanse schepen lukten te weinig. De bommen waren er meestal naast, dus zochten de Japanners vrijwilligers om zich met een vliegtuig volgepakt met bommen te laten neerstorten op de Amerikaanse schepen. Dit waren kamikaze's . Voor de Japanners was het een grote eer om te sterven in de strijd voor hun vaderland. Vandaar vonden zij veel jonge vrijwilligers om dit te doen. Zij bonden een hoofdband met Japanse vlag om hun hoofd. Zij dronken een glas rijstwijn en vlogen de dood tegemoet. De Amerikanen hadden moeite om die dodelijke vliegtuigen uit de lucht te schieten. Kamikaze wil zeggen : de wind van de goden.

    (Maxime snuisterde in papa's boeken...)

    Meme was 8 jaar en woonde op een boerderij. Toen de oorlog uitbrak , hadden ze veel eten omdat ze zelf kweekten en de mensen uit de stad hadden minder voedsel. Er leefden zelf geen katten meer want die hadden ze ook opgegeten. De soldaten kwamen om een varkentje of een schaapje. Er werd veel kapot geschoten .

    De meme van marlies

    Bij mijn meme thuis waren ze met 9 kinderen. Er was grote armoede. Doordat de papa van meme alleen geld verdiende, konden ze niet veel kopen voor de kinderen. De oudste van de kinderen moesten bij de boeren boterhammen vragen om de kinderen eten te kunnen geven. De mama van meme deed de was voor de soldaten om brood te krijgen.

    De meme van Antal

    Het eerste wat we horen van onze oma en opa is dat de oorlog nooit meer mag terug komen. De oorlogen die er zijn gekomen zijn er gekomen door de Duitsers. Die dachten dat hun land niet groot genoeg was en ze wilden dat uitbreiden door oorlog te voeren. Een persoon die daar een belangrijke rol in gespeeld heeft, was Adolf Hitler. Hij dacht een groot rijk te maken door oorlog te voeren. Eerst dacht hij alle Joden uit de weg te ruimen, omdat het Joodse volk een rijk volk was. In zijn ogen was het geen geen zuiver ras. Deze oorlog was goed verlopen en zo dacht hij om verder oorlog te voeren. Zo kwam hij naar België om ons land te veroveren. Het was dan ook maar best dat er nog brave mensen waren die ons dan geholpen hebben, zoals de Engelsen, Canadezen, Fransen en Amerikanen. Zo is er dan een einde gekomen aan de bange dagen en nachten van al onze oma's en opa's.

    De meme van Gwendoline

    Veel mannen zijn gevlucht naar Frankrijk om te werken en zo te overleven. Als de mensen de bommenwerpers hoorden aankomen moesten ze schuilen onder de tafel of in de kelder. Iedereen probeerde zoveel mogelijk om elkaar te helpen. Juist voor de oorlog probeerden de mensen zoveel mogelijk voorraad op te slaan zoals suiker, zout, koffie, kolen,... Er was veel armoede. Als de mensen geen geld hadden, gingen ze meestal 's avonds in het donker gaan stelen bij de boeren. Als ze wel konden betalen, moesten ze eerst voedselbonnen gaan kopen. Alles moesten ze kopen met die bonnen. De kinderen moesten gaan werken bij de boeren.

    De papa van Kenny

    Zaterdag ben ik naar pepe geweest. Ik vroeg of hij iets over de oorlog wist. Hij was 12 jaar toen de 2de W.O. uitbrak. Veel weet hij er niet van maar mijn overgrootmoeder heeft de 2de W.O. meegemaakt. Hij vertelde dat er aan onze wijk het Valkenhof, er erg veel gevochten is geweest. Er moet daar een Waalse soldaat zich hebben verstopt. Al de Duitser die hij zag , schoot hij dood. Maar de Duitsers hebben hem omsingeld en dood geschoten. Bij mijn grootmoeder kwamen de Duitsers eten stelen en ze kwamen er slapen. Een Duitser zei tot mijn overgrootmoeder dat hij in het bed van de kinderen wilde slapen maar die andere Duitser zei: laat de kinderen maar slapen. Er was veel armoede en veel moeders weenden omdat hun zonen naar het front moesten. Mijn grootvader is verleden jaar op reis geweest naar Normandië. Ze hebben daar een kerkhof waar duizenden soldaten liggen gegraven met al gelijke kruisjes, bezocht. Er lag daar een vader en een zoon naast elkaar begraven, ze waren op dezelfde dag gestorven in de oorlog en dezelfde dag begraven. In die tijd was er veel armoede, verdriet, honger, laat het nooit meer bestaan ! ! ! ! !

    De pepe van Jens Rosseel

    Deze verhalen werden verzameld door de leerlingen van het 3de leerjaar B van mevr. Katrien Christiaens