Terug naar klas!Terug!

50 jaar migranten...


Evolutie en revolutie in Europa

(Op 25 maart 2007 is het exact 50 jaar geleden dat het Verdrag van Rome, het begin van de Europese éénmaking werd ondertekend.)

Als kind wisten onze ouders en grootouders in ons dorp niet wat een migrant was, laat staan een moslim. Ze leerden de term op school in het zesde leerjaar, maar wisten in feite alleen maar dat een migrant iemand is die van het ene land naar een ander trok om daar te leven.

Nu, 50 jaar later, bezoeken we met de leerlingen van onze school de moskee, zitten in elke klas enkele migrantenkinderen, spreken we over de Koran en weten alle kinderen dat de ramadan de vastentijd is van de moslimgelovigen.

In de voorbije jaren deed zich een ware omwenteling voor, een revolutie. Ons denkbeeld onderging een metamorfose en mede door de politieke interesse voor migranten en allochtonen is het onderwerp een gespreksthema geworden met tal van visies, meningen en oplossingen. De migrantenproblematiek is nu een wezenlijk onderdeel van onze 'Europese' samenleving.

Als leerkracht stond ik er niet vaak bij stil wat mijn rol kan zijn bij de integratie van 'vreemde-andersgelovige' kinderen en hoe ik er kan toe bijdragen als opvoeder om onze samenleving toleranter te maken. Het probleem stelt zich echter vaker bij een groter deel van de populatie. Als leerkracht heb ik een taak om kinderen op te voeden tot relatiebekwame mensen die kunnen samenleven met anderen en kritisch kunnen nadenken over bepaalde situaties en gegevens.

Mijn aanpak om tot een betere samenleving te komen, richt zicht vooral op het item 'EERBIED en RESPECT hebben voor'. Kinderen opvoeden betekent hen aanleren dat er verschillende mensen zijn met verschillende opinies en hen bijbrengen dat ieder recht heeft op zijn plaats, wat hij ook denkt of waar hij ook voor staat. Wederzijds respect is de eerste stap om integratie en samenleven mogelijk te maken.

Dit uit zich in een aantal concrete werkvormen. Kinderen mogen vertellen over hun manier van samenleven en geloven. Uit respect luisteren wij naar elkaar. Bij het gebed in de klas krijgen 'moslim'leerlingen ook de kans om te bidden. Daartoe ligt in mijn klas een bidtapijt, gekregen van ouders van deze kinderen. De feesten of vastentijden worden gerespecteerd als onderdeel van het geloof. Niemand wordt uitgelachen om zijn geloof, met geloof wordt niet gelachen of gespot. Ook in de klas wordt geen onderscheid gemaakt: gelovige of ongelovige. Iedereen heeft recht op zijn overtuiging.

Ik wens als leerkracht mee te werken aan een verdraagzame samenleving waar mensen in wederzijds respect met elkaar kunnen rekening houden, ook al hebben ze andere gewoontes en andere overtuigingen. Als ik daar mijn kleine steentje kan toe bijdragen dan mag ik mij als opvoeder een gelukkig mens achten die gepoogd heeft om te bouwen aan een beter Europa, aan een betere wereld.

Naar de moskee...Naar de moskee...

Paul Gernay, leermeester godsdienst, maart 2007

(Terug naar boven!)